2020/07/26

26 juli 2020, Protestantse gemeente IJsselstein, lezingen: 1 Koningen 3: 5-12, Mattheüs 13: 44-46

“Vraag wat je wilt en ik zal het je geven!”
Stel je eens voor dat God aan jou verschijnt in een droom en dit tegen je zegt:
“Vraag wat je wilt en ik zal het je geven!”
Wat zou jouw antwoord zijn?
Wat is jouw diepste en grootste verlangen?
Wat is het meeste waardevolle dat je je wensen kunt?

Dat is volgens mij helemaal niet zo’n makkelijke vraag…
Het vraagt erom dat je kunt onderscheiden waar het op aankomt.
Wat is écht belangrijk, wat doet ertoe, en wat is slechts bijzaak, bijkomstigheid?
Gaat het om die volgende carrièrestap?
Om wat mensen van je vinden?
Om die verre reis, dat mooie huis, die nieuwe auto?
Of zijn er belangrijkere dingen? En wat dan?

Soms is het leven een keiharde leerschool. Dat ontdekte ik laatst in gesprek met een man die veel te jong zijn vrouw verloren had. Hij zei tegen me: “Hád ik toen maar minder gewerkt en meer tijd doorgebracht met mijn vrouw en dochter. Altijd was ik aan het werk. Als we ruzie hadden, dan ging het dáárover: dat ik zoveel werkte. En nu denk ik: hád ik maar. Had ik maar gekozen voor hen, voor mijn gezin, voor rust en tijd met elkaar.”

Het laat zien dat het helemaal niet zo makkelijk is om de juiste keuzes te maken. Om de goede prioriteiten te stellen. Er is immers zoveel dat om onze aandacht schreeuwt. Zoveel stemmen die ons toeroepen.
De ene stem roept: zorg dat je de beste bent, dat je alles uit jezelf haalt wat erin zit.
Een andere stem schreeuwt: zorg dat iedereen je geweldig en fantastisch vindt.
Weer een andere stem schreeuwt: koop nou die telefoon, die jurk, die auto… het zal je gelukkig maken!
En een andere zegt: doe er alles aan om mooi te zijn, om mooi gevonden te worden!
En zo worden we de hele dag – door reclames, door televisie, door internet, door de mensen om ons heen, door stemmen in ons eigen hart – toegeroepen. En het is verre van eenvoudig om in die veelheid en chaos aan prikkels te onderscheiden wat er écht toe doet.

Terug naar Salomo: op de vraag “Vraag wat je wilt en ik zal het je geven!” antwoordt hij: “Schenk uw dienaar een opmerkzame geest, zodat ik uw volk kan besturen en onderscheid kan maken tussen goed en kwaad.”
Letterlijk staat er in het Hebreeuws: schenk uw dienaar een horend hart, een luisterend hart…
Een hart dat in die wirwar van stemmen kan horen wat er écht toe doet.
Een hart dat in die veelheid van geluiden kan onderscheiden wat belangrijk is en wat niet.
Een luisterend hart, dat is de schat waar Salomo om vraagt.

Jezus spreekt over een schat die verborgen ligt in de akker en over een heel waardevolle parel. De overeenkomst in beide korte gelijkenissen is dat iemand álles verkoopt wat hij heeft om die schat of parel te kunnen kopen.
Met andere woorden: de mensen in deze gelijkenissen herkennen en onderkennen de waarde van de schat en van de parel. Zij zien, zij weten: dit is zó ongelooflijk belangrijk, zó waardevol, hier heb ik alles voor over!
Zij bezitten het onderscheidingsvermogen, of je zou ook kunnen zeggen het ‘luisterende hart’ waar Salomo om vroeg.

Het deed me denken aan een tekst van de 13e eeuwse dichter en filosoof Rumi. Hij schreef het volgende:

Er is één ding op de wereld
dat je nooit mag vergeten. 

Wanneer je alles vergeet en dat ene niet
dan hoef je je nergens zorgen over te maken. 

Maar wanneer je overal aan denkt
alles doet en niets vergeet
behalve dat ene
dan heb je eigenlijk niets gedaan.

 Deze tekst roept natuurlijk de vraag bij ons op: wat is dat dan, dat ene?
En dat is precies de bedoeling, denk ik. Dat wij aan het denken gezet worden: wat is nou dat ‘ene’ in ons leven, dat ene dat werkelijk van waarde is?
Zijn het mijn vriendschappen?
Is het mijn vrijheid?
Mijn gezondheid?
Dat ik mezelf kan zijn?
Of dat ik mezelf kan ontplooien?
Is het de verbondenheid met de mensen om me heen?
De hulp die ik kan geven en ontvangen?
Is het mijn geloof in God?

Ik noem maar wat dingen, want ieder zal die vraag zelf moeten beantwoorden. Ik kan niet voor u, voor jou zeggen: dít is het, dit is de allergrootste schat die er is. Het is een persoonlijke zoektocht.
Een zoektocht die in verschillende fases van ons leven misschien wel tot verschillende antwoorden leidt. Zoals die man over wie ik vertelde: ooit vond hij zijn werk het allerbelangrijkste, en nu zegt hij: had ik maar meer tijd doorgebracht met mijn gezin.
Ik denk ook aan een vriendin van me die eens zei: voor mij zijn 3 dingen écht belangrijk, namelijk goede koffie, goede gesprekken en intimiteit. Ik vond het knap hoe helder, kort en bondig zij dit kon zeggen.
Die drieslag doet me trouwens denken aan Paulus die spreekt over geloof, hoop en liefde als belangrijkste pijlers van ons bestaan.
Het zijn allemaal voorbeelden van anderen. Niet om te zeggen: zó moet het. Maar om je aan het denken te zetten, om je aan te moedigen om jouw persoonlijke antwoord te zoeken.

Het antwoord is niet alleen persoonlijk, maar ook praktisch.
Het antwoord op de vraag wat onze schat is, wordt elke dag weer duidelijk in de keuzes die we maken, in ons doen en laten, in ons gedrag.
Ik kan wel zeggen dat ik duurzaamheid heel belangrijk vind, maar als ik voor elk kort tochtje de auto pak of in de supermarkt de kiloknallers koop, dan kun je je afvragen hoe belangrijk die duurzaamheid voor me is.
Of ik kan zeggen dat ik mijn relatie het allerbelangrijkste vind, maar als ik daar nooit een offer voor wil brengen, hoe belangrijk is het dan?
Kortom: onze keuzes in het leven van alledag laten zien wat belangrijk voor ons is.

Wat is jouw schat? Waar is het ene waar het voor jou om draait?
Het begint met luisteren. Luisteren naar je eigen hart: wat is mijn grootste verlangen? Wat wil ik echt, wat is écht belangrijk voor me?
En ook luisteren naar alles wat er op je afkomt, aan stemmen, geluiden, prikkels. Welke doen ertoe, welke hebben mij echt wat te zeggen, en welke zijn niet of minder belangrijk?

Een luisterend hart wens ik ons allemaal toe. Zodat we kunnen onderscheiden wat waardevol is en wat niet, wat goed is en wat kwaad, wat recht is en wat krom.
Zodat we de schatten en parels in ons leven ook herkennen.
Want daar waar we een schat ontdekken, waar we een parel in handen krijgen, en beseffen hoé enorm waardevol dit is… daar is het Koninkrijk van God. Daar laat God zelf zich aan ons zien, al is het misschien vluchtig, een glimp, een spoor…
En zoek het niet te ver, in Praag, in Krakau, in grote gebeurtenissen, in bijzondere ervaringen, of waar dan ook. Want die schat is misschien wel dichterbij dan je soms denkt. Verborgen in je eigen leven. In deze dag. In de mensen of de dingen om je heen.

Er is één ding op de wereld
dat je nooit mag vergeten.

 Wanneer je alles vergeet en dat ene niet
dan hoef je je nergens zorgen over te maken.

 Maar wanneer je overal aan denkt
alles doet en niets vergeet
behalve dat ene
dan heb je eigenlijk niets gedaan.